Posts tonen met het label Bertha Bakt. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Bertha Bakt. Alle posts tonen

zondag 17 januari 2021

Koekjes met chocolade ... altijd goed!

Een jaar geleden ben ik begonnen met bakken op de vrijdagmiddag. Heerlijk om met mijn gezin in het weekend van iets eigen gebakkens te kunnen smullen. Koekjes, brownie, cake, muffins, taart... Best vaak was chocolade één van de ingrediënten, want wat is er nu lekkerder dan chocolade. In dit blog lees je over een aantal chocoladekoekjes, die ik heb gebakken.

Chocolate chip cookies

Chocolate chip cookies zijn typisch Amerikaanse koekjes. Heerlijk knapperig van buiten en chewy van binnen. Je kunt er ook lekker mee variëren, zodat je toch steeds een ander koekje hebt.

Het basisrecept voor deze koekjes is met pure chocolade. Je kunt dit aan het deeg toevoegen als chocolade callets (chocoladedruppels) of als stukjes grof gehakte chocolade.
Het basisrecept heb ik overgeslagen en ik ben begonnen met de 
triple-chocolate chip cookies. Aan het deeg wordt als laatste de witte, pure en melkchocolade toegevoegd, alle drie in grof gehakte stukjes. Van het deeg maak je een rol met een doorsnede van ongeveer 4 cm, die minimaal 1 uur moet rusten in de koelkast. Daarna snij je van het deeg plakjes van 1,5 à 2 cm, die met voldoende tussenruimte op de bakplaat gaan, want ze lopen nog behoorlijk uit tijdens het bakken. Af laten koelen op een rooster en genieten maar!




Een week later maakte ik chocolate chip cookies met bacon. Bacon in een koekje klinkt misschien raar, maar het is echt lekker. De knapperige en zoute stukjes bacon vormen een lekkere combinatie met de stukjes chocolade. De plakjes bacon bak je op de bakplaat eerst knapperig en bruin en laat je even uitlekken op keukenpapier. Vervolgens verkruimel je de afgekoelde bacon en kneed je het samen met de gehakte pure chocolade door het deeg. Daarna weer een rol maken, koelen, plakjes snijden en bakken op de bakplaat. 
Ik was heel benieuwd hoe ze zouden smaken, maar dit chocolate chip cookie is echt een verrassend lekker koekje!




De volgende variatie die ik maakte zijn chocolate chip cookies met gedroogde cranberries en witte chocolade. De werkwijze is weer precies hetzelfde. Ook deze combinatie van smaken is echt genieten!




Spritsen met chocolade-hazelnootpasta 

Dit is ook weer zo'n zalig chocoladekoekje. Je maakt eerst het spritsenbeslag. Dit is een dik beslag en het gaat daardoor best zwaar om met de spuitzak de koekjes op te spuiten. Mijn spuitzak, die al eerder spritsenbeslag voor de kiezen had gehad, heeft het dan ook niet overleefd. Er moest zelfs duct tape aan te pas komen om het karweitje af te maken.
Na het bakken heb ik de koekjes af laten koelen en ondertussen de chocolade-hazelnootpasta au bain-marie gesmolten. Van de helft van de koekjes heb ik de onderkant bestreken met de chocoladepasta en vervolgens de overige koekjes erop gelegd. Daarna heb ik chocolade en kokosvet au bain-marie gesmolten en het uiteinde van elk dubbel koekje erin gedipt. Even laten drogen en daarna smullen van een heerlijke chocolade sprits!




maandag 19 oktober 2020

Dulce de leche; wat een ontdekking!

In mei van dit jaar was koningin Máxima jarig en deelde zij het recept van haar favoriete koekje op Facebook. Dit schreef zij op de pagina van Het Koninklijk Huis

"In deze tijd vier ik mijn verjaardag thuis met een typisch Argentijnse lekkernij: Alfajores van dulce de leche. Ik ben met Alfajores opgegroeid, het zijn mijn lievelingskoekjes! Ik bak ze volgens mijn moeders recept, dat ik graag met jullie deel. Zodat je ze ook zelf thuis kunt bakken!" - Máxima 

Ik vond het zo'n gezellig bericht, vooral omdat we midden in de 'corona-perikelen' zaten. Sowieso gingen in die periode veel mensen thuis vaker bakken (de bloem was in de supermarkt constant uitverkocht) en aan het aantal reacties te zien op dit bericht, waren velen met mij van plan deze koekjes ook te gaan bakken. 

Ik volgde het recept van Máxima en dat leverde héél veel koekjes op. Waarschijnlijk heeft ze op haar verjaardag de hele hofhouding getrakteerd. De koekjes zijn heerlijk bros en kruimelig door de maizena en hebben, door de citroenrasp, een vluchtige citroensmaak. Het dubbele koekje heeft een zachte karamelvulling, dulce de leche genaamd. Ik had er nog nooit van gehoord en het recept vermeldde niet hoe je dat precies moest maken. Het bestaat blijkbaar ook kant-en-klaar, maar hier in de supermarkt hadden ze het in ieder geval niet. De Koekjesbijbel bracht uitkomst. Het bleek ontzettend simpel te zijn, maar kostte wel een paar uur tijd. Gelukkig had ik dat op tijd in de gaten. 


Voor de dulce de leche koop je één of meerdere blikjes gecondenseerde volle melk met suiker en die breng je in een pan met ruim water aan de kook. Je laat het water met de blikjes erin ongeveer 3 uur koken. Je moet wel opletten of er niet teveel water verdampt, waardoor ze niet meer volledig onder staan. Indien nodig dus aanvullen met kokend water. 

Met de afgekoelde dulce de leche plak je steeds twee koekjes op elkaar en daarna rol je de zijkanten nog door de kokosrasp. Een heerlijk koekje met een zálige vulling! 

     






Omdat ik meerdere blikjes dulce de leche had gemaakt, bakte ik een week later andere koekjes met deze heerlijke karamelvulling. In de Koekjesbijbel vond ik een recept. Ik maakte het deeg en rolde het uit op mijn werkblad. Ik stak er cirkels uit met een doorsnede van 8 cm. Op elk deegplakje schepte ik een theelepel dulce de leche, vouwde het deeg aan drie kanten omhoog en drukte de puntjes stevig tegen elkaar aan. Ik bestrooide ze met gehakte hazelnoten, bestreek de zijkanten met losgeklopt ei en toen de oven in. Deze koekjes vond ik zelfs nog iets lekkerder dan de Alfajores. 

         













vrijdag 28 augustus 2020

Bakken met dadels

Een poosje geleden heb ik twee baksels gemaakt met dadels. Wel twee heel verschillende.

Dadel-hazelnoot-taartje
In mei maakte ik het dadel-hazelnoottaartje van Anna Yilmaz (winnares van 'Heel Holland Bakt 2018') omdat de ingrediënten in dit recept, zoals de dadels, hazelnoten, jam en kokosrasp me wel aanspraken.
Eerst heb ik het deeg gemaakt en de hazelnoten geroosterd. Het deeg moest 20 minuten in de koelkast rusten. Ondertussen kon ik met de dadels aan de slag. Ik had hier nog niet eerder mee gewerkt. Voor dit recept had ik medjouldadels nodig. Dit is een grote en heel zoete dadelsoort. Ik heb de dadels eerst ontpit en daarna met wat kokend water in de foodprocessor gepureerd. 
Van het deeg moest ik twee gelijke deegcirkels maken. De eerste cirkel legde ik in de springvorm en hierover heb ik de dadelcrème uitgesmeerd. De geroosterde hazelnoten moesten hierop verdeeld worden en een beetje in de crème gedrukt worden. Hierop kwam de tweede deegcirkel. Die heb ik bestreken met wat melk en daarna 40 minuten in de oven gebakken. Toen het taartje afgekoeld was heb ik hem bestreken met de abrikozenjam en bestrooid met de kokosrasp.

Ik was heel benieuwd hoe dit taartje zou smaken, omdat ik nog niet eerder zoiets gebakken had. Ik vond hem zeker lekker, maar wel heel machtig. Kleine puntjes snijden is dus wel een aanrader. Ook vond ik de dadellaag wat te dik en daardoor te overheersend van smaak. Maar de overburen, die ook een puntje hebben meegegeten, vonden dat juist heerlijk. De hazelnoten had ik te klein gehakt, dat was jammer want nu miste je de knapperige bite van de noten. Voor de volgende keer zijn er dus zeker wat verbeterpuntjes.
Het recept is te vinden op https://www.maxvandaag.nl/sessies/themas/eten-drinken/dadel-hazelnoottaartje/


Dadel-walnoten-koekjes
Vorige maand maakte ik de opgerolde dadel-walnoten-koekjes uit de Koekjesbijbel. Echt een héérlijk koekje en niet moeilijk om te maken. 
De dadels moesten natuurlijk eerst weer van hun pitten ontdaan worden en daarna grof gehakt. Ook de walnoten moesten gehakt worden. Terwijl het deeg een uurtje in de koelkast aan het rusten was, maakte ik de vulling door de dadels met suiker en water aan de kook te brengen en zo'n 10 minuten te laten sudderen tot een smeuïge dadelmassa. Daarna moest dit weer afkoelen tot kamertemperatuur.


Het deeg heb ik uitgerold tot een vierkante lap. Dit valt nog niet mee, want op de een of andere manier wil de deeglap altijd rond worden. Het deeg kon daarna bestreken worden met de dadelvulling en bestrooid worden met de gehakte walnoten. Daarna heb ik er voorzichtig een rol van gemaakt en die moest ook weer een poosjes in de koelkast rusten. Tenslotte heb ik de rol in plakjes gesneden en konden ze op een bakplaat de oven in. Het resultaat was echt genieten en dus zeker voor herhaling vatbaar.



maandag 27 juli 2020

Een bijbel vol koekjes

In april heb ik mezelf verwend met de aankoop van de Koekjesbijbel van Rutger van den Broek, winnaar van de eerste editie van 'Heel Holland Bakt'. Een heerlijk boek met meer dan 170 koekjesrecepten van bekende en minder bekende koekjes. Bovendien staan er duidelijke stap-voor-stapfoto's in van de basistechnieken en basisrecepten. Bij het doorbladeren van dit boek krijg je het gevoel dat je met deze recepten al die verschillende koekjes echt kunt bakken. Ook als beginnende bakker. Aan de slag dus!

Als eerste koos ik de hazelnootrozetten uit de categorie 'brosse koekjes'. De hazelnoten moeten eerst geroosterd worden op een bakplaat en daarna met suiker fijn gemalen in een hakmolentje, waardoor je zelfgemaakte hazelnootspijs krijgt. Wat gaat dat supersnel. Handig hoor. De spijs gaat door het deeg, die je daarna, met een spuitzak met een gekarteld spuitmondje, als rozetten op de bakplaat spuit. In het midden van elke rozet druk je een hazelnoot en dan kunnen ze de oven in. Helemaal niet moeilijk dus, maar wel een heel leuk en lekker resultaat.




Een week later, precies volgens mijn ontstane #vrijdagmiddagtraditie, koos ik voor de pindakaaskoekjes uit de categorie 'rijke koekjes'. Volgens de Koekjesbijbel zijn 'rijke koekjes' koekjes die verrijkt zijn met extra ingrediënten, die de smaak van deze koekjes naar een hoger plan tillen.
Ik ben er inmiddels wel achter dat het deeg voor de meeste soorten koekjes minimaal 1 uur in de koelkast moet rusten voor je het verder gaat verwerken. Daarom zorg ik er meestal voor dat ik 's morgens voor de lunch het deeg gemaakt heb, zodat ik niet al te lang na de lunch verder kan met het recept. Koekjes hoeven nooit echt lang in de oven, dus zodoende kunnen we bijna altijd op vrijdagmiddag van een nog niet helemaal afgekoeld koekje genieten. 
Voor pindakaaskoekjes meng je natuurlijk pindakaas door het deeg. Ik koos voor pindakaas met stukjes pinda erin voor de crunchy versie. Van het deeg vorm je bolletjes die je vervolgens met een vork in twee richtingen plat drukt, waardoor ze een leuk streeppatroon krijgen. Heerlijke koekjes, tenminste als je van pindakaas houdt.




De week erop koos ik voor een koekje uit de categorie 'gevulde koekjes'; crème doublies. Een dubbel koekje, dus voor elke crème doublie bak je 2 koekjes. Het deeg moet weer met een spuitzak (nu met een glad spuitmondje) op de bakplaat gespoten worden, met voldoende ruimte tussen de koekjes omdat ze tijdens het bakken flink uitlopen. Ondertussen heb ik de botercrème op basis van banketbakkersroom gemaakt (er staat ook nog een ander recept voor botercrème in het boek). Ik had nog niet eerder zelf botercrème gemaakt, maar het was heel leuk om te doen. De room wordt gemaakt van melk, suiker, een eidooier, maizena en een half vanillestokje. Nadat dit afgekoeld is tot kamertemperatuur gaat het bij de luchtig geklopte boter met poedersuiker en klaar is de botercrème. Op de helft van de afgekoelde koekjes spuit je de botercrème en daar druk je de andere koekjes voorzichtig op. Echt zálig zijn ze. Zelfgebakken koekjes blijven toch het allerlekkerst.



zaterdag 4 juli 2020

Fryske dúmkes en truffels

In maart zag ik een aflevering van Bak mee met MAX waarin Hans Spitsbaard, de jongste winnaar van Heel Holland Bakt, Fryske dúmkes maakte. Als 'Fries-om-útens' (een Fries die niet meer in Friesland woont) vond ik het hoog tijd deze lekkere anijskoekjes voor het eerst zelf te gaan bakken. De koekjes danken hun naam aan het feit dat ze duimgroot zijn. Je hebt ook Amelander dúmkes. Daarin worden de hazelnoten vervangen door amandelen. Ik heb de gewone Fryske dúmkes gemaakt met gehakte hazelnoten, anijs en kaneel.

                                                                         
             

Eigenlijk moet er anijspoeder én anijszaad in, maar vanwege de corona-crisis kon ik op dat moment niet aan anijszaad komen. In een gewone supermarkt is het niet verkrijgbaar. Op internet leerde ik dat je in dat geval de hoeveelheid anijspoeder kunt verdubbelen. Verder kun je een theelepel rum aan het deeg toevoegen, maar dat heb ik niet gedaan. Ik geef niks om alcohol in koekjes en in dit geval was het ook niet nodig om de rum door iets anders te vervangen.
De koekjes waren heerlijk. Inmiddels heb ik wel het anijszaad in huis, dus deze Fryske dúmkes gaan zéker in de herhaling. Het recept is te vinden via deze link op de site van MAXvandaag.



In dezelfde aflevering maakte Hans ook truffels. Van truffels dacht ik altijd dat ze heel moeilijk waren om zelf te maken, maar het filmpje overtuigde me dat het heel goed te doen was. Van warme slagroom, geraspte sinaasappelschil, pure chocolade en boter maakte ik een ganache. Ganache is een crème die gebruikt wordt voor de vulling van taarten en bonbons en ook voor de garnering van nagerechten.
De ganache moest minimaal 2 uur opstijven in de koelkast. Daarna maakte ik er bolletjes van. Dat viel niet mee, want de ganache bleef erg zacht, waardoor ik ze niet zo mooi rond kon maken. De helft van de bolletjes rolde ik door de cacao en de andere helft door de poedersuiker. Zelf vond ik die met poedersuiker het lekkerste, mijn man vond juist die met cacao lekkerder.
Ik bewaarde ze netjes in de koelkast, maar ze bleven zacht. Je moest echt voorzichtig eentje van het schaaltje pakken, anders zou je de truffel makkelijk fijn knijpen. Voor een volgende keer zal ik eens uitzoeken en uitproberen hoe i ze steviger kan maken. 




maandag 15 juni 2020

Hollandse koekjes

Een poosje geleden zag ik bij mijn zusje het 'Hollands bakboek' in de kast staan. Het boek staat vol met typisch Hollandse baksels, verdeeld in de categorieën 'taart', 'cake & gebak', 'koek(jes)' en 'lekkere trek'. Bij 'taart' vind je natuurlijk de appeltaart en de kersenvlaai. Bij 'cake & gebak' o.a. de tompoezen en de oliebollen. Bij 'koek(jes)' de door Nederlanders veel gegeten gevulde koeken en eierkoeken. En bij 'lekkere trek' horen o.a. de poffertjes en de saucijzenbroodjes.
Ik mocht het boek een poosje lenen en besloot als eerste de kokosmakronen met witte chocolade te maken. Van kokosmakronen houden we hier thuis allemaal en met witte chocolade kan hij alleen maar lekkerder worden. Het bleek een heel makkelijk te bakken koek te zijn met heel weinig ingrediënten; eiwitten, gemalen kokos en suiker. Deze drie ingrediënten met elkaar mengen en daarna met 2 lepels in gelijke bergjes op de bakplaat scheppen en de oven in. Ondertussen de witte chocolade au bain-marie smelten, in een spuitzak doen en dan streepjes trekken over de afgekoelde kokosmakronen. Een heerlijke variatie op de gewone kokosmakroon.




In een ander bakboekje (uit de kookboekjesserie van Blue Band uit 1990) staan ook heel veel typisch Hollandse koekjes. Hierin vond ik een recept voor Sprits. Ook dit was bepaald niet een moeilijk recept, maar wat me erg tegen viel was het opspuiten van het deeg. Het is namelijk een erg stevig deeg. Ik had het eerst in een wegwerpspuitzak gedaan, maar bij de eerste keer druk uitoefenen op de zak, scheurde hij meteen kapot. Gelukkig had ik ook nog een stevige herbruikbare spuitzak in de kast liggen. Het opspuiten ging nog steeds heel zwaar, maar de spuitzak ging in ieder geval niet kapot. Ik besloot ronde spritsen te maken, maar je kunt natuurlijk ook voor de rechthoekige kiezen. In dat geval spuit je het deeg in een lange zigzagvorm op de bakplaat en snij je het meteen na het bakken in stukken. 
Later kwam ik nog tips tegen over hoe je het deeg wat hanteerbaarder kunt maken. Zo kun je bijvoorbeeld een deel van de boter smelten voor je het toevoegt. Dat zou ervoor moeten zorgen dat het deeg makkelijker is op te spuiten. Dat ga ik zeker onthouden voor een volgende keer.




Tot slot een chocoladekoekje. Wie houdt er níet van! Het recept staat ook in hetzelfde bakboekje van Blue Band en bevat zowel pure als witte chocolade. Niet moeilijk, maar zó lekker. De pure chocolade moet weer in stukjes gehakt en au bain-marie gesmolten worden. Als de chocola afgekoeld is tot dik vloeibaar moet het op een bepaald moment toegevoegd worden aan het koekdeeg. Daarna kan het deeg uitgerold worden op het werkblad. Uit de uitgerolde lap deeg moeten ronde koekjes gestoken worden, die op een bakplaat de oven in gaan. Hiervoor zijn uitsteekvormen verkrijgbaar in allerlei maten, maar je kunt natuurlijk ook gewoon een glas gebruiken.
Als de koekjes in de oven zitten hak ik de witte chocolade in stukken en smelt deze weer au bain-marie. Zodra de koekjes zijn afgekoeld bestrijk ik ze met de witte chocolade. Nog even wachten tot de chocolade is uitgehard en dan … proeven maar!



vrijdag 5 juni 2020

Brownie met karamel en een ingezakte taart

Brownie met gezouten karamel en pecannoten
Toen mijn vader in februari (nog voor de Corona-crisis begon) vanuit Friesland ons een paar dagen kwam bezoeken, was dat voor mij een mooie aanleiding iets extra lekkers te gaan bakken. Ik koos voor een brownie uit het boek 'Brownies festival' van @annierigg, dat al heel lang bij mij in de boekenkast staat en waar ik nog nooit iets uit gemaakt had. Annie Rigg heeft haar brownies in drie categorieën verdeeld; simpel, mooi en luxe. Ik vond dat ik het basisrecept voor brownies wel kon overslaan en koos voor de brownie met gezouten karamel en pecannoten uit de categorie 'simpel'. Voor mij was hier de uitdaging het zelf maken van karamel. Ik had bij 'Heel Holland Bakt' gezien dat het maken van karamel nog wel eens wil mislukken. Spannend dus. Eerst suiker in water op laag vuur oplosssen en laten koken tot een bruine karamel. Later nog meer suiker en ook boter, zeezout en slagroom toevoegen en weer laten sudderen. Het duurde erg lang voor het een dikke karamel werd. Ik begon al te denken dat het bij mij ook ging mislukken, maar uiteindelijk zag het er toch echt uit als een dikke karamelsaus. Het werd een heerlijke brownie met karamel zowel tussen de twee lagen brownie-pecannotendeeg als op de bovenkant van het deeg. Het heeft mijn vader en onszelf goed gesmaakt.





Appelkrumel-cheesecake
Nog meer feestelijkheden in februari; onze dochter werd 25 jaar. Haar absolute favoriet is appeltaart. Maar ook verschillende cheesecakes vindt ze heerlijk. In mijn Cheesecake-boek van Sabine Koning (van @ohmyfoodnessnl) vond ik een recept voor een no-bake appelkruimel-cheesecake. Een prachtige combinatie, vond ik. Deze taart moest in twee etappes gemaakt worden. Op de eerste dag maak je de bodem, de gekaramelliseerde appelblokjes en het cheesecake-beslag. Als alles in de springvorm zit, moet de cheesecake een nacht in de koelkast opstijven. De volgende dag maak je van bloem, suiker en boter de crumbletopping. Dit kruimeldeeg moet verdeeld worden over een bakplaat en even in de oven. Als het afgekoeld is kan het verdeeld worden over de cheesecake is hij klaar om aan te snijden.

Maar helaas ... toen ik de springvorm los maakte zakte de cheesecake helemaal in elkaar. Ik snapte er niks van. Ik had hoge verwachtingen vanwege de heerlijke smaken die erin verwerkt waren en nu kon ik er niet eens mooie punten van snijden. Ik had toch echt het recept keurig gevolgd, dacht ik. Wel was me de vorige dag tijdens het mixen opgevallen, dat het beslag niet erg stevig wilde worden. 'Dat komt helemaal goed in de koelkast', dacht ik nog. Natuurlijk gingen we proeven en eigenlijk was hij gewoon heerlijk, maar je kon hem niet netjes op een gebaksbordje presenteren. Jammer hoor.
De volgende dag zag ik een aangebroken bekertje slagroom in de koelkast staan. Dat klopte niet (letterlijk en figuurlijk). Ik controleerde wéér het recept en kwam tot de conclusie dat ik niet genoeg slagroom in het beslag had gedaan. Toch niet goed gelezen dus. Deze cheesecake vraagt om een herkansing. 
We hebben hem samen toch maar lekker 'opgelepeld'.




zondag 31 mei 2020

Carrot-cheesecake en Kattentongen

Na mijn eerste baksel had ik zoveel zin om van alles te proberen en zodoende veel bij te leren, dat ik besloot om de vrijdagmiddag tot bakmiddag te bombarderen.

Carrotcake-cheesecake
Voor Kerst zette ik het bakboek Cheesecake-het kookboek voor echte cheesecakefans van Sabine Koning op mijn verlanglijstje. En gelukkig kreeg ik het ook. Ik wist niet dat je zo ontzettend veel met cheesecake kan variëren. Het water loopt je in de mond als je dat boek doorbladert. Er staan zowel nobake-cheesecakes als baked-cheesecakes in. Ik besloot voor de Carrotcake-cheesecake te gaan, een baked-cheesecake, die er niet al te moeilijk uit zag. Toch maar een beetje voorzichtig beginnen, dacht ik bij mezelf. En dat ging helemaal goed. Je moet wel geduld hebben voor je kunt gaan proeven. Hij moet 80 minuten in de oven, daarna een uur afkoelen in een niet-draaiende oven met openstaande deur en vervolgens nog een nacht in de koelkast opstijven. De volgende dag de bovenkant insmeren met de roomkaasglazuur en dan eindelijke proeven. Hij was heerlijk, maar wel héél machtig. Niet gek als je bedenkt dat in totaal 700 gram aan roomkaas in zit. Kleine puntjes snijden dus. ;)




Kattentongen
Geïnspireerd door een aflevering van Heel Holland Bakt heb ik Kattentongen gebakken, één van de drie Hollandse koekjes, die de deelnemers moesten maken. Op zich niet moeilijk, maar er kwamen twee dingen bij kijken die ik lang niet meer gedaan had. Het deeg moest met een spuitzak op de bakplaat gespoten worden. Klinkt heel makkelijk, maar ik moest er toch even handigheid in krijgen. Alle koekjes zagen er dan ook niet even mooi uit qua vorm. Ook moest ik chocolade au bain-marie gaan smelten. Ik heb eerst de chocolade in wat kleinere stukken gehakt. De kom met chocolade mag niet het hete water raken. Zo nu en dan roeren en toen de koekjes afgekoeld waren heb ik ze voor de helft in de chocolade gedoopt. Een heerlijk Hollands Koekje!
Het recept is te vinden op https://www.maxvandaag.nl/sessies/themas/eten-drinken/hollandse-koekjes-van-robert-van-beckhoven/


             
                                                       

dinsdag 26 mei 2020

Het begin van mijn bakhobby

In januari van dit jaar (2020) kreeg ik ineens zin om weer eens iets te bakken. En dan niet, zoals ik voorheen altijd deed, een pak kant-en-klare mix voor taart of cake kopen en de beschrijving van het pak volgen. Nee, ik wilde nu op zoek naar leuke bakrecepten, iets lekkers uitkiezen en gewoon beginnen. Het werd een recept voor bananenbrood met hazelnootchocolade van 24Kitchen. Bananenbrood is meestal nogal saai van smaak maar met de chocolade klonk het een stuk interessanter. En dat was het ook, het werd een heerlijk chocolade-bananenbrood. Ik had voor dit recept zeer rijpe bananen nodig, maar die had ik niet in huis. Google vertelde me dat ik dit met de magnetron op kon lossen; enkele gaatjes in de bananenschil prikken en 30 seconden tot 2 minuten (afhankelijk van de grootte en de hardheid van de bananen) in de magnetron. Ze worden dan zwart van buiten maar zijn mooi zacht van binnen; klaar voor gebruik.

Het bananenbrood viel bij alle huisgenoten in de smaak. Ik had met opzet vlak voor het weekend gebakken zodat iedereen mee kon genieten. Later zou blijken dat met dit eerste baksel een baktraditie was geboren. 
#bakkenvoorhetweekend #vrijdagmiddagtraditie